Er was ooit een tijdperk van verlichting op zware dagen. Een stukje toegevoegde waarde, wat vandaag de dag niet meer dan geschiedenis is. Ben je klaar voor een behoorlijk verhaaltje op dit weblog? Behoorlijk voor de verandering.
Dit is namelijk een ode. Een ode aan een gemis.
Cryptische introductie? Ja, daar heb je wel een puntje. Cryptisch genoeg om je in ieder geval door de eerste alinea heen te leiden. Want waar zou ik het toch over hebben?
De slimmeriken van het internet hebben aan de labels van dit bericht al kunnen lezen dat het iets met muziek te maken zou hebben. Goh, wat een verrassing.
Maar dan nog... Laat ik even het verhaal vertellen wat hieraan vooraf ging:
Voor mijn werk leg ik nogal een behoorlijk aantal kilometers af. In met name de auto, maar ook de trein, bus, metro noem maar op. Net als iedere andere aanhanger van de media-hypende jeugd ben ik van de I-Pod-generatie (voor oma en opa: dat is een apparaatje waarop je duizenden liedjes kwijt kunt zodat je daar onderweg naar kunt luisteren).
Op het moment dat ik geen mogelijkheid heb om over te schakelen op de FM-radio, zoek ik reikhalzend naar de stijlvolle, witte uitvinding om mijn ontwenningsverschijnselen van te weinig klinkende, melodische genotmomenten zo beperkt mogelijk te houden.
En daar begon afgelopen laatste dag, waar de meeste mensen het woord ‘gisteren’ voor gebruiken, de flashback. Het beeld voor mijn ogen werd vaag; geluiden om me heen weerkaatsten en galmden; als een regisseur nu de special effects in zou roepen zou je een verwaterd beeld te zien krijgen; we maken een tijdreis terug naar de zomer van 2003.
De klanken en geluiden om me heen die zojuist nog vaag en onbekend in de oren klonken kregen steeds meer vorm en een patroon was te ontdekken. Langzamerhand herkende ik wat ik hoorde toen ook de melodieën duidelijker werden. Nog voor ik kon plaatsen wat ik zojuist gehoord had werd het patroon onderbroken. Iemand riep iets: ,,Ei”. Ei? Waar slaat ei op?
Dat was niet alles: ,,Die!” Die? Ei die? Wat betekent ei die? Toen de derde kreet vorm kreeg wist ik waar ik naar luisterde: ,,En”. Het ging nooit om een ‘ei’ of het woord ‘die’. Het waren letters: ,,I D &…” De laatste kon ik zelf invullen: ,,T”. ID&T.
In die zomer was ik nog volop aan het schilderen terwijl de hete zon boven op m’n Moriaantje stond. Net als iedere gerespecteerde bouwvakker hield ik er een klein zwart radio-tje op na wat voor wat muzikale verlichting zou moeten zorgen.
Ik was duidelijk een groentje als het om radio-luisteren ging. Sterker nog: Ik luisterde nooit naar de radio. Bij mijn oude werkgever stond in de winkel altijd dag en nacht SkyRadio aan. Dat was het enige wat ik ooit aan radiomuziek had meegekregen. En na een weekend werken kon ik alle nummers van dat Godvervloekende herhaalkanaal al meezingen.
Dus ja, als je dan staat te schilderen en je hébt niets anders tot je beschikking ga je maar op zoek naar iets wat gewoon leuk klink zolang het maar geen SaaiRadio is. Draaiend aan de frequentieknop ging ik opzoek naar wat leuke melodische verlichting.
88.75…stoor…kraak…91.20...stoor...93.80…kraak…97.60…krrrr…99.40
Ik wilde doordraaien maar wachtte heel even om te luisteren wat ik eigenlijk hoorde. Het was geen bekende muziek; het was geen top-40 plaat; het was ook zeker geen “gouwe-ouwe”. Maar het klonk bizar goed!
Als er een genrebeschrijving voor dit type muziek bestond zou ik het chillout-moody-uptempo-dancehall-newage-pop noemen. Ik hoorde fantastische beats, met goede melodielijnen en een fantastisch “nog-een-keer”-gevoel. Vanaf nu heet dit genre gewoon: lekker.
Maar waar luisterde ik nou eigenlijk naar? Zonder dit verhaal te veel op een detective te laten lijken (voor de mensen die er op wachten: er is geen lijk en al was die er wel had ik er waarschijnlijk voor gezorgd dat de moordenaar Fred was: De broer van de vriendin van Richard die tijdelijk in therapie zat omdat hij zijn cavia van een negenverdieping-tellende flat had gegooid om zo meer aandacht te krijgen voor zijn eenzame jongere broertje Kevin. Maar wacht… Dat betekent dat we tóch een lijk hebben: De cavia!) probeer ik dit verhaal toch maar en zinvol vervolg te geven.
Ik besloot de zender maar aan te laten staan aangezien de muziek me wel beviel, wachtend op de jingle. En die kwam: ,,ID&T-radio”
Luisterde ik naar ID&T-radio? Was ID&T niet van al die hardcore hakken en stampen feesten? ID&T stond toch voor skinheads en hoofdpijn-beukende muziek?
De vrouwelijke stem die de jingle ingesproken had was bereid mij uit die waan te helpen door het nog een keer te herhalen: ,,ID&T-radio”
Ok, het was echt zo. Wellicht hadden ze dan storing op de zender ofzo en zou ik de krijsende muziek die ik van ID&T verwacht had alsnog horen.
Voor de slimmeriken onder ons: Dit bericht zou nooit “Een ode” heten als dat inderdaad gebeurd was. Nee, ik begon me te verbazen over de verschillende muzieksoorten die die dag voorbij kwamen. Sommige stukken waren echt heel relaxt en hoorden in een lounge-bar thuis, anderen waren wat sneller en waren prima muziek om op uit je dak te gaan tijdens het stappen. Gewoon helemaal lekker!
Na die paar dagen van schilderen moesten ID&T en ik afscheid van elkaar nemen. Al het schilderwerk was gedaan en ik had de kleine, zwarte geluidsdoos niet meer nodig. Ik wist dat het een lange tijd zou zijn dat ik het station weer op zou zetten. In mijn eigen kamer had ik namelijk geen mogelijk om radio te luisteren en op het werk stond alleen Celine Dion nog maar te blêhren, aangezien zij een levenslang contract heeft afgesloten met toen nog ,,honderd punt zeven èf èèèèm!”
Tot januari 2004.
De winkel waarin ik werkte is gespecialiseerd op het gebied van huishoudelijke technologie ofwel: televisies, computers, wasmachines, waterkokers, Dolby surrounds, lady shaves, you name it.
Zo kon ik daardoor op een gegeven moment een bijzonder leuk Dolby Surround setje bemachtigen. Het was toen anno 2004 voor de duidelijkheid, die dingen maakten toen net hun intrede, terwijl ieder huishouden op dit moment zelfs voor jehova’s de moeite niet meer waard is om naar binnen te stappen als er niet eens een fatsoenlijk geluidssysteem in de woonkamer staat.
Plotseling had ik de beschikking over een nieuw medium: Radio.
Net als iedere nieuweling op het gebied van radio begin je dan heel netjes bij de groten des aarde: Radio 53slacht bijvoorbeeld.
Na drie dagen had ik nog amper 10 minuten naar dit kwellende stelletje hitverkrachters geluisterd. Steeds opnieuw kwam daar weer diezelfde muziek die we overal op iedere hoek van de straat al tegenkwamen. Na die tien minuten kon ik tot verveling toe alle nummers uit de top 40 van dat moment helemaal meezingen. Laat ik dan nog geen enkel woord geschreven hebben over de DJ’s aanwezig.
-- Even een flashforward: nog geen jaar later dacht ik dat ik het zelf allemaal een stuk beter kon doen. Vanaf november 2004 begon de carrière bij S-Live Radio. Gegronde kritiek dus? --
De link verwachtte je waarschijnlijk al, maar er schoot mij ineens te binnen wat ik ook alweer de zomer ervoor was tegen gekomen: ID&T-radio. Verheerlijkt als het inmiddels weer in mijn hoofd klonk ging ik opzoek naar de kabelfrequenties van het station.
…geen kraak… geen stoor… gewoon de knop “zoek”…geen cijfers…ID&T-Radio!
En gek genoeg werd het beeld wat ik in mijn hoofd had van de zender minderwaardig. Deze zender is goud waard! Waarom wist niemand hiervan? Dit is de muziek waar je zolang naar op zoek bent. Af en toe een klein hitje tussendoor… maar bovenal gewoon lekkere muziek!
Als ik op dat moment had geweten dat ik maar een jaartje naar dit stukje genot kon luisteren had ik uiteindelijk absoluut vaker ingeschakeld.
Ik werd bekend met platen die weken, maanden en soms zelfs jaren later pas voor het grotere publiek bekend werden. We hebben het over januari 2004 en ik zong mee met “Phoenix – Run, run run”, “Michael Grey – The weekend”, “Junior Jack – Stupidsico” en “Mocky – A moment in time”. Bands als “Zero 7” en “The Filterheadz” blijken tot op de dag van vandaag niet gerespecteerd en DJ’s als Armand van Helden en Olav Basoski behoorden voortaan tot favorieten van mij.
ID&T infecteerde me met een virus wat later bekend zou staan als de Sounds like Ra (begonnen in juni 2004), hetgeen wat me ook heeft doen besluiten zélf DJ te worden.
Maanden gingen voorbij en ik luisterde steeds meer naar ID&T-radio. ID&T stond niet langer meer voor hardcore en skinheads. Nieuwe muziek van Christina Aguilera en zelfs R&B van o.a. Alicia Keys en “The 411” kwamen voorbij. Waar stond ID&T dan wel voor? Nou, gewoon lekker.
De zomer van 2004 kwam eraan en dat is wat mij betreft de lekkerste zomer van mijn geschiedenis geweest (sorry Brian, ik heb de zomer van 1969 niet meegemaakt).
Het weer was uiterst top. Vreselijk veel zon en dat resulteerde in minstens zoveel schaars geklede dames wat uiteraard weer effect heeft op het aantal zomerhits.
Maar ook de zomerhits bij ID&T-radio bleken van een heel nieuw kaliber. Kon het zo zijn dat het hoogtepunt van ID&T-radio nooit bereikt zou worden?
ID&T nam ook steeds meer DJ’s aan. DJ’s die perfect wisten hoe het niet moest, daarentegen hadden ze daar goed studiemateriaal voor gekregen bij de collega’s van “Radio commissiewerkers”.
Mijn grote idool nam ook plaats achter de microfoon. Nou ben ik iemand die niet echt een voorstander is van vrouwelijke stemmen uit je speakers, dat is als ze als radio-DJ fungeren. Ik ben helemaal niet anti-feministisch, zeker niet. Ik bedoel, ik vind dat vrouwen zeker vrachtwagens mogen rijden, vuilnis mogen ruimen en bedrijven als “World OnLine” mogen runnen, maar radio maken… Nee, liever niet. Net als cabaret, dat moet ook gewoon door mannen gedaan worden.
Zonder verder af te dwalen, zorgde ID&T ervoor dat ik mijn idool op de radio hoorde. Ze (ja het was een zij) was voortaan iedere middag tussen de platen door te horen.
Ze heette “tante Edith de doos” en toverde hoe dan ook altijd een schaterlach bij mij te voorschijn en zo ook bij vele andere luisteraars (eindelijk het bewijs dat ID&T radio in meer huishoudens te ontvangen was dan alleen bij mij). Deze, toch wat rijper ontwikkelde dame was een goudmijntje voor ID&T.
Opmerkingen als ,,zaad erover” en ,,lap het aan je aars” mis ik nog dagelijks. En iedere keer als ze dan kaarten weg gaf voor een bijzonder optreden kon het me weinig schelen dat ze die tussen haar ,,klamme dijen” had liggen… Dat maakte het gewoon extra bijzonder.
Toch werd er langzamerhand iets pijnlijk duidelijk.
ID&T-Radio was een commercieel radiostation en had dus inkomsten nodig van reclamezendtijd. Lijkt het voor de luisteraar een genot dat er gelukkig maar bijzonder weinig reclame te horen was op het station, is dat voor de heren in pak achter het bedrijf toch een stuk pijnlijker.
Ik merkte ook dat er weinig aanhangers waren van dit station hoewel er genoeg mensen waren die absoluut in waren voor een stukje ‘lekkere’ muziek. Kon ID&T dit nog langer via deze weg volhouden? Zolang ik mijn portie ‘lekkere’ muziek nog kreeg hoorde je mij niet klagen.
We spoelen weer een stukje vooruit.
De zomer van 2004 ligt alweer een tijdje achter ons, alleen de hits die de zomer door ID&T-radio voortgebracht werden sluimerde nog mee om de donkere dagen weer van zon te voorzien. Nog altijd hoorde ID&T-radio tot mijn dagelijkse behoefte… Ik had er bijna een relatie mee (alleen het geouwehoer miste… Voorzie ik hier per ongeluk in een groei van echtscheidingen?).
Maar het werd november/december en het onvermijdelijke kwam om de hoek kijken. Het nieuws werd bekend. ID&T zou haar handen afhouden van het radiostation na de jaarwisseling. De stekker zou alleen geplugd blijven wanneer een ander het over zou kopen en anders was het gedaan.
Als een tienermeisje wat hoorde dat “Take That” uit elkaar zou gaan probeerde ik tevergeefs mijn tranen in bedwang te houden.
Wat zou er gebeuren met al dat ‘lekkers’? Hoe lang zou ID&T-radio nog hetzelfde blijven en hoe moet het nou tussen tante Edith en mij?
Er waren allemaal vragen die onbeantwoord bleken. Het enige wat nog kon was trouw blijven en machteloos toeluisteren. Eind december kwam daar dan een verlossend antwoord:
ID&T zou nog steeds haar handen van het station afhouden, maar Lex Harding, onze grote radio-tycoon was bereid het station nieuw leven in te blazen onder een nieuwe naam.
Lex Harding?
Deze man zat achter grote commerciële hitverneukers als Radio 538. Wat ging hij met ID&T-radio doen? Dat kon alleen maar een nieuw hitstation worden met grote commerciële gedachten erachter.
Op 25 januari van inmiddels 2005 (na een jaar van ID&T-radio in mijn kamer) werd het pijnlijke duidelijk: Duncan Stutterheim, het geniale brein achter ID&T liet weten dat per 31 januari ID&T-radio een make-over zou ondergaan.
De DJ’s zouden vervangen worden door met name nieuwe jongelingen. Het uiterlijk zou totaal anders worden en ‘leuke namen’ als Mental Theo zouden het team versterken. Als dat al niet erg genoeg was zou ook het concept van het radiostation veranderen: Het nieuwe station zou nog meer opzoek gaan naar pasgeboren hits.
ID&T-radio werd op de nacht van 30 naar 31 januari pijnlijk omgedoopt tot Slam!FM.
Het begin was op zich nog hartstikke leuk.
Ineens zag ik overal bekendheid voor Slam!FM, het voormalige ID&T-radio. Posters, tv-reclames, noem maar op. Mensen op straat kenden voortaan Slam!FM ook en stiekem was er dan ook nog een klein sprankje hoop bij mij dat de visie van ID&T-radio in Slam!FM meegenomen zou worden.
Helaas was die hoop van korte duur. Hits werden aan de lopende band gedraaid en ook erg: Edith was nergens meer te bekennen.
Wat moest ik nu?
Inmiddels was ik verslaafd aan het radio-luisteren. Tevergeefs zocht ik dagenlang naar een soortgelijk ID&T-radio. Slam!Fm dan maar?
Het moest maar. Ik had inmiddels een mp3-speler gekocht met ingebouwde fm-functie om ID&T ook onder weg te ontvangen. Nu stonden alle ID&T presets natuurlijk automatisch Slam!FM uit te zenden… Ik geloof dat ik weinig keus meer had dan mee te gaan in de massacommunicatie van Slam!FM.
Alleen de nummers die ik als mp3 nog op mijn computer had staat lieten zien dat ik eigenlijk van de betere muziek thuis was. ID&T-radio leeft namelijk nog wel… voor een krappe gigabyte aan muziek op mijn computer. Helaas allemaal daterend uit het jaar 2004. Want wie weet waarmee die database was uitgebreid als ID&T-radio door was blijven leven.
Ruim drie jaar later weet ik inmiddels wat de nekslag van ID&T-radio geweest is.
Het grote publiek had ID&T nooit kunnen accepteren, niet op dat moment in ieder geval. Pas een jaar later werd de muziek waar ID-T in 2004 al mee prolongeerde door het grotere publiek opgenomen.
Terugkijkend op die periode zie je dat de ‘lekkere’ muziek die ID&T voort stuwde tegenwoordig op ieders I-Pod wel terug te vinden is, al dan niet in een vernieuwende vorm.
In het eerste bestaansjaar van Slam!FM merkte ik iets opmerkelijks. Zeker 25% van alle zogenaamde hits, of ‘grand Slams’ zoals dat daar genoemd wordt, werd het jaar ervoor al gedraaid op ID&T-radio.
Hoe ik dat zo zeker weet?
Ieder jaar maakt ieder zelfrespecterend radiostation tegen het einde van het jaar wel een jaarmix. Dat een is een mix van een uur waarin een soort terugblik gebracht wordt van alle memorabele muziek uit het desbetreffende jaar.
In het kader van dit verhaal ben ik de jaarmix van ID&T-radio van 2004 eens gaan vergelijken met die van Slam!FM en TMF van 2005. Wat blijkt? 25% van de nummers in de mix van 2005 werden in 2004 al door ID&T gebruikt. (klik hier voor het overzicht).
Is 25% niet veel om opmerkelijk te noemen? Nee, misschien niet. Was dit getal hoger geweest, was het nog aannemelijker geweest dat ik net zo lovend over Slam!FM had kunnen spreken als ik over ID&T. Het duidt daarentegen wel weer in de richting van waar de echte goede muziek vandaan diende te komen: ID&T-radio.
Inmiddels bestaat Slam!FM alweer een tijdje en heeft het ook al een imagoverandering gehad. Als ik tegenwoordig bij mijn huidige werk (waarbij ik zoveel reis) de radio nog eens aan zet, kies ik meestal nog wel voor Slam!FM. Als ik thuis zit staat op de kabel meestal XFM of in het westen van het land FreshFM aan.
Helaas heeft geen enkel radiostation de kracht van ID&T-radio.
Het beeld wordt weer waziger; de geluiden minder duidelijk en alles voor mijn ogen is nu zwart. ,,Station Den Bosch!” wordt er dan ineens door een intercom geroepen ,,Deze trein rijdt door in de richting van Eindhoven”.
Ik knipper een paar keer met mijn ogen en realiseer me dan dat ik de trein uit moet om over te stappen op de intercity naar Breda.
Terwijl ik uitstap besef ik weer dat mijn I-pod in mijn oren hangt en het nummer “Yimanya” van het Belgische duo de “Filterheadz” bijna ten einde is gekomen.
Ik stap de trein uit en kijk door het raam van de trein de coupé naar binnen. Daar zat ik net. Ineens realiseer ik me dat ik heel de rit geslapen heb.
(Pics: Antiques and design lights, Project Aware, Amazon, Planet, DJ Guide)
Labels: Media and Entertainment, Music